Gekruide makrelen

4 kleine schoongemaakte makrelen – 2 eetlepels citroensap – 50 g boter – 1 eetlepel gesnipperde ui – 1 eetlepel fijngehakte peterselie – 1 theelepel sambal – zout, peper uit de molen – 1 dl (zonnebloem)olie

Spoel de makrelen af onder stromend koud water. Maak ze van binnen en van buiten met keukenpapier droog en besprenkel ze daarna aan de binnenzijden met 1 eetlepel citroensap. Laat de vissen hierna 5-10 minuten liggen. Meng in een kommetje de (zachte) boter met de rest van het citroensap, de ui, peterselie, sambal en wat zout en peper. Verdeel het botermengsel over de buikholten van de vissen. Steek de buikholten dicht met (gedurende 20 minuten in koud water geweekte) houten prikkers. Plaats de vissen in het met wat boter of olie bestreken visrooster. Bestrijk de vissen met een kwastje met olie. Rooster ze in 10-14 minuten aan weerszijden goudbruin en gaar. Bestrijk de vissen tijdens het roosteren enkele malen met het kwastje met olie.
Geef er tuinkruidensaus, een eenvoudige gemengde salade (kropsla, tomaten en komkommer) en een royale hoeveelheid stokbrood erbij.

Nog geen reacties.
Nog geen trackbacks.